Friday, September 28, 2007

A room with a view

Vandaag werd ik door mijn beschermheer wegwijs gemaakt in downtown Chicago. Overweldigend, ook omdat ik de kans kreeg om een studio te bezoeken in één van de torens van Marina City, een karakteristiek appartementencomplex uit 1967 ontworpen door Bertrand Goldberg. Wie dacht dat alleen Hagenaars hun torens tooien met toepasselijke bijnamen als het IJspaleis (het spierwitte Stadhuis), de Vulpen (de puntige Hoftoren) of, plastischer, de Twee Tieten (Castalia, twee ferme zadeldaken), heeft het mis. De eenenzestig verdiepingen tellende torens hebben de vorm van maïskolven en heten daarom ook wel de Corncob Towers. Het uitzicht vanaf het balkon:

Thursday, September 27, 2007

'Welcome to Chicago' II

Eergisteren verkeerde ik toch echt in de veronderstelling dat ik door één handeling te verrichten meteen overal stond ingeschreven, maar kennelijk was dit niet het geval. De secretaresse van de Committee on Social Thought (nu echt - gisteren bleek ik me alleen bij de Division of Social Sciences te hebben aangemeld) heette me hartelijk welkom in Chicago. Ze waren al ongerust geworden: 'Waar blijft die jongen?' Meteen heb ik kennis gemaakt met mijn contactpersoon of begeleider alhier, Nathan Tarcov. Een vriendelijke man die me goed wegwijs kon maken.

's Avonds vond er een orientation plaats in het International House. Een gratis maaltijd en een rondleiding door het enorme complex. Ik heb meteen maar besloten zoveel mogelijk tijd buiten deze kloosterachtige omgeving door te brengen. De campus van de University of Chicago is een veel aangenamer plek. Veel groen, veel bankjes, genoeg plekken om een bagel met kaas te eten (hoewel, kaas...) onder het genot van een cafe latte (small uiteraard, hetgeen voor Nederlandse begrippen op zijn minst nog medium is), terwijl even verder de eekhoorns schichtig over het grasperk schieten.

De Committee on Social Thought (in Foster Hall, het gebouw achteraan op de foto) is onderdeel van de Division of Social Sciences; dat is een soort superfaculteit der sociale wetenschappen. Volgens de coordinator die verantwoordelijk was voor mijn komst naar Chicago is het Committee ooit opgericht om tegenwicht te bieden tegen de neiging tot toenemende specialisatie in de klassieke Departments, zoals Political Science en Philosophy. Het begrip social thought betekent volgens hem niets, maar is eerder een excuus om te kunnen doen wat je wilt. Er worden dan ook cursussen aangeboden over uiteenlopende onderwerpen, van world poetry tot de sociologische bestudering van religie. In Nederland zouden we eerder spreken van een interdisciplinair 'centrum' of 'instituut'. De meeste stafleden zijn tevens benoemd aan een Department, in de meeste gevallen aan wijsbegeerte of politicologie. Ook de studenten zijn veelal dubbelvakkers. Misschien een goed idee, een Leids Centrum voor Sociaal Denken? Ook in het Nederlands zegt deze term immers niet zoveel...

Tuesday, September 25, 2007

'Welcome to Chicago'

Vanaf nu sta ik als visiting student ingeschreven bij de Committee on Social Thought. De uiterst vriendelijke dame werkzaam bij de administratie heette me officieel welkom. Ze maande me niet alleen vooral hard te werken, maar zeker ook "our city" te verkennen.

Vanmiddag woonde ik mijn eerste college bij. De keuze was niet gemakkelijk, maar doordat ik de collegezaal net op tijd vond, kon ik aanschuiven bij het seminar van John McCormick over politieke theologie bij Carl Schmitt en een aantal van zijn tijdgenoten, zoals Benjamin en Strauss. Het onderwerp van dit college sluit het beste aan bij mijn dissertatie. Ik laat Martha Nussbaum nu schieten, die op hetzelfde tijdstip college geeft over onderwijsfilosofie. Ze zal het me niet kwalijk nemen. Het college van McCormick heeft de vorm van een graduate seminar. Ruim twintig studenten in carré, zeer goed voorbereid, welbespraakt, niet bang om iets te zeggen, scherp, intelligent en to the point, drie uur zonder pauze, geen gegeeuw, geen verveelde blikken op klokken, horloges of mobiele telefoons. Dit heb ik in Nederland nooit meegemaakt. Maar laat ik hier niet over doorgaan, want ieder ophemelen van de Amerikaanse universiteit leidt in Nederland, vertaald in beleid en bureaucratie, tot Britse toestanden. En dan heb ik het niet over Oxford en Cambridge.

Over Oxford en Cambridge gesproken, de campus van de University of Chicago is grotendeels opgetrokken in neogotische stijl. Zie hier een foto van het International House, waar ik verblijf:

Monday, September 24, 2007

'Welkom in de Winderige Stad'

Na een vlucht van bijna negen uur, een shuttlerit van een uur en een douche van een kwartier zit ik vanuit mijn nog kale kamer ingeplugd en wel mijn weblog bij te werken. Vanuit de shuttle heb ik in de verte de Sears Tower al kunnen zien. Het is hier zes uur 's avonds - in Nederland bijna één uur 's nachts. Nog even wakker blijven dus.

'Welcome to the Windy City' werd er in het vliegtuig omgeroepen. Chicago heeft vele bijnamen, waarvan dit de bekendste is. Het ligt voor de hand om te denken dat deze naam refereert aan de straffe wind die vanaf Lake Michigan de stad in waait, of - minder voor de hand liggend - aan de kennelijk fameuze winderigheid waaraan de bewoners van deze stad lijden. Geen van beide is waar. De naam verwijst naar de holle frasen en loze beloften van negentiende-eeuwse lokale politici. Wind dus.