Saturday, October 06, 2007

Lesson

Hyde Park, vrijdagmiddag, tien over twaalf. Ik stap op de six, de bus die rechtstreeks downtown rijdt, waar ik, even zoeken, overstap op de Red Line richting het noorden van de stad, eerst ondergronds, dan bovengronds, het treinstel bereikt met horten en stoten station Howard, de twintigste halte en eindpunt, de Purple Line vertrekt vanaf de andere kant van het perron en brengt mij nog vier haltes noordelijker, tot station Davis, waar ik uitstap. Evanston, diezelfde middag, tien over twee. Ik text mijn beoogd voice teacher dat ik een kwartier later kom.

De gemeente Chicago steekt naar verhouding maar half zoveel geld in het plaatselijk openbaar vervoer als de gemeente New York. Achterstallig onderhoud zorgt voor veel vertragingen. Moest ik dit traject iedere vrijdag afleggen, dan kom ik op deze dag aan weinig anders meer toe dan schommelend lezen zonder te kunnen schrijven.

Hij wil me begeleiden, met alle genoegen. Maar eerst zoekt hij naar een even geschikte docent bij mij in de buurt, of desnoods downtown. Op de terugweg een geluk: het is rush hour. De Purple Line rijdt rechtstreeks door naar het centrum en stopt slechts twaalf keer.

Thursday, October 04, 2007

'We are trying to seduce our audience'

Wanneer spreken we van een belangrijke gebeurtenis? Afgemeten aan de grote aantallen mensen die vanavond op de lezing van Richard Dawkins afkwamen, was er sprake van een gebeurtenis van formaat.

Dawkins - als hoogleraar public understanding of science verbonden aan Oxford University, niet te verwarren met Bas Haring, als hoogleraar 'publiek begrip van wetenschap' (wie was eerst?) verbonden aan de Universiteit Leiden - sprak over het onderwerp van zijn nieuwste boek: The God Delusion. Dat wil zeggen, hij sprak over de pas in januari te verschijnen paperback-uitgave die een voorwoord bevat waarin hij ingaat op de belangrijkste kritieken die de vorig jaar verschenen hardback-uitgave te verduren heeft gekregen. Pech voor de mensen die zojuist bij de ter plekke ingerichte boekenkraam de oude editie hadden aangeschaft.

Dawkins richt zijn pijlen primair op individuen die zich, vrijwillig of niet, blijven verontschuldigen voor hun atheïstische geaardheid: I'm an atheist, but... Hij pleit voor een heuse atheïstenemancipatie, naar het voorbeeld van de homo- en vrouwenemancipatie. Ongelovigen hebben eeuwenlang moeten zuchten onder het oorlogszuchtige juk van gelovigen. Uit zijn powerpoint-presentatie blijkt wie hij met de laatsten bedoelt: Osama Bin Laden en ayatollah Khomeini. Paul Tillich en Dietrich Bonhoeffer zijn niet representatief genoeg. Het zijn de aantallen die ertoe doen.

Onze fervente voorvechter van atheïsten-emancipatie hanteert twee wapens (als je ze zo mag noemen): reason, science, evidence (daartussen maakt hij geen onderscheid) en, als dominant stijlmiddel, spot (waarvan hij veelvuldig gebruikt maakt, maar waarvan hij de cruciale functie voor de overtuigingskracht van zijn betoog niet thematiseert).

Do you expect your method to be convincing? vraagt iemand uit het publiek. Dawkins geeft toe dat hij niet verwacht dat zijn werk veel effect zal ressorteren, politically. De redenen hiervoor maakt hij niet expliciet, maar laten zich raden. Iemand die gelooft in de Openbaring zal niet snel overtuigd raken door wetenschappelijke argumenten. Wat blijft er dan nog over? We are trying to seduce our audience. Kennelijk verwacht hij dat gelovigen wier diepste overtuigingen bij voortduring worden geridiculiseerd, geneigd zijn om zich open te stellen voor een serieuze gedachtenwisseling.

Dawkins preekt voor eigen parochie. Grote aantallen mensen hebben zich vanavond kostelijk vermaakt. Ik woonde een belangrijk evenement bij.

The Laundry Room

Het International House is een enorm gebouw met allerlei gangen, zalen en trappenhuizen. Beneden in de kelder bevinden zich verschillende faciliteiten, waaronder de Laundry Room. Een warme, muffe ruimte met tientallen wasmachines en drogers. Eén dollar per wasbeurt, één dollar per droogbeurt. Automatisch af te schrijven van je Chicago Card. Tenzij je tweemaal vier quarters bij de hand hebt. De kamer is verder van alle gemakken voorzien: een tafel, stoelen, zelfs een televisie. Do you mind if I watch the television? No problem, ik lees er wel doorheen.

Jonathan Lear, Radical Hope: Ethics in the Face of Cultural Devastation. Een wijsgerig-antropologisch werk over de vraag hoe je moet omgaan met de mogelijkheid dat je cultuur of beschaving kan verdwijnen, uitsterven, worden vernietigd. Aanleiding zijn de woorden van Plenty Coups, de laatste chief van de Crow-indianen: ... when the buffalo went away the hearts of my people fell to the ground, and they could not lift them up again. After this nothing happened. Wat betekent het, te zeggen dat er niets meer gebeurde?

Na zesendertig minuten wassen en zestig minuten drogen zit mijn tijd in de wasruimte erop. Have a good night.

Sunday, September 30, 2007

Metaphysical studies

Dat het begrip 'metafysica' tegenwoordig geen goede reputatie heeft, noch binnen, noch buiten het vakgebied van de filosofie, is genoegzaam bekend. Zo is er in heel Nederland nog maar één leerstoel metafysica over, en wel aan mijn alma mater, de katholieke Radboud Universiteit Nijmegen. Ik was dan ook verrast om in boekhandel Borders, aan State Avenue, tegenover de sectie philosophy een hele rij boekenkasten aan te treffen onder de titel metaphysical studies. Is de eerste filosofie aan een heropstandig begonnen? Of heeft ze in de Nieuwe Wereld haar wetenschappelijke status nooit verloren? Een blik op enkele boekruggen hielp mij al snel uit de droom. Ook hier staat filosofie netjes tegenover esoterie.

Crescat scientia vita excolatur

Neme de wetenschap toe, zo worde het leven verrijkt. Of iets wat daarop lijkt. De lijfspreuk van de University of Chicago prijkt in grote letters op de voorgevel van haar universiteitsbibliotheek, de Regenstein Library. Het duurde even voor ik het woord excolatur precies kon thuisbrengen, maar het is verwant aan het woord colere (verzorgen, bebouwen, vereren), waarvan het woord 'cultuur' is afgeleid. Een voller motto dan praesidium libertatis, de lijfspreuk van de Universiteit Leiden, maar of alle wetenschap een verrijking of letterlijk een 'veredeling' van het leven is? De studenten hier schijnen ervan overtuigd te zijn, want ze doen niets anders dan studeren.

Voorheen was de Regenstein Library vierentwintig uur per dag, zeven dagen per week geopend. Inmiddels zijn de openingstijden bekort, om de studenten te dwingen om 's nachts iets anders te doen dan wéér tussen de boeken te zitten. Maar ook de nieuwe openingstijden zijn nog steeds een verademing in vergelijking met de Nederlandse universiteitsbibliotheken: door de week van acht uur 's ochtends tot één uur 's nachts en in het weekend van acht uur 's ochtends tot tien uur 's avonds. Een ander groot voordeel is dat alle boeken en tijdschriften (met uitzondering van de bijzondere collecties) in open opstelling staan. Je hoeft nooit te wachten op een boek en op de plank kun je nog eens een titel ontdekken die je niet kende. Tassen, etenswaren, zelfs de beker thee die je zojuist in het door studenten gerunde bibliotheekcafé Ex libris hebt gekocht, alles mag mee naar binnen. Niet morsen.