Met mijn drinkebroer van Duke woonde ik vanavond een sabbatsviering bij in de synagoge van de Kam Isaiah Israel Congregation aan South Greenwood Avenue. Na de liturgie van rechts naar links te hebben meegelezen wordt de dienst afgesloten met het lied 'Lo yisa goy' (Jesaja 2:4):
Nation shall not lift up sword against nation
Neither shall they learn war anymore
De keuze voor juist dít lied was niet toevallig. Michael Walzer was te gast, die de Fourth Annual Rabbi Hayim Goren Perelmuter Memorial Award kreeg uitgereikt in recognition of his renowned scholarship in political theory and moral philosophy. Hij hield een lezing onder de titel 'Terrorism and just war'. Volgens hem op het eerste gezicht een ongepast onderwerp voor een sabbatsviering. Niettemin: You may not be interested in war, but war is interested in you. You may not be interested in terrorism, but terrorism is interested in you.
What is wrong with terrorism? What are the problems with the war against terrorism? Het is niet de terminologie. Het is normaal om in de politiek gebruik te maken van militaire metaforen. Campagnes, strategieën, strijd. Terrorisme is de moord op willekeurige onschuldige mensen in de hoop dat er een staat van collectieve angst ontstaat. Walzer gelooft niet dat terrorisme ooit gerechtvaardigd kan zijn. Hoogstens in uitzonderingsgevallen kan het worden vergeven. Eenieder heeft het recht op leven, eenieder heeft het recht om te leven waar hij of zij leeft. De gedachte dat een bepaalde identiteit als zodanig iemand al schuldig maakt, moet op morele gronden worden verworpen. Terroristen proberen een volk collectief schuldig te maken. Door bestrijders van terrorisme daarentegen zou schuld als iets individueels moeten worden behandeld. Dit betekent dat de aloude line tussen combattanten en burgers moet worden bewaakt.
Maar, denk ik: Who draws the line? En: Who are we to draw the line?
Antwoord: We look for lines that we can draw. Bijvoorbeeld de grens tussen combattanten en niet-combattanten, tussen niet-conventionele wapens en conventionele wapens. Terroristen doen alsof alle burgers soldaten zijn, medeplichtig.
Opnieuw: We look for lines that we can draw. All major traditions make the distinction between combattants and non-combattants. Het morele punt is dat er een onderscheid gemaakt moet worden tussen wat mensen doen in the act of fighting en wat mensen doen in andere situaties. Tegen de totaliserende tendens van het terrorisme.
Ik concludeer dat wij mensen behoefte hebben aan grenzen, limits, lines. Maar wáár de lijn getrokken wordt, is omstreden. In naam van de grens worden oorlogen uitgevochten. Ook in naam van Walzers grens. Desnoods door middel van terreur?
Saturday, November 10, 2007
Wednesday, November 07, 2007
Voor de wet
Kafka prijkt deze week op de kaft van de Groene Amsterdammer - mijn wekelijkse papieren connectie met Nederland. Aan diens parabel Voor de wet moest ik denken toen ik een maand geleden voor het eerst kennismaakte met de achtentachtigjarige bewaker van de archieven. Op zijn hoede, sceptisch, streng.
Bij lezing en herlezing van Kafka's korte verhaal heb ik mij altijd gestoord aan de berustende houding van de man van het platteland, die zijn bewaker maar niet durft te trotseren en blijft wachten voor de poort. De poort die voor hem bestemd was.
Nadat ik een nauwkeurige brief had opgesteld, heb ik geoefend in geduld. Vandaag toog ik voor de tweede maal naar de deurwachter. Ik trof een ander mens. Vertrouwen schenkend, vriendelijk, zelfs een beetje breekbaar. Ter plekke tekende hij zijn toestemming aan op mijn brief. Ik ben hem dankbaar. Hij biedt zijn excuses aan voor de kou van Chicago en wenst me good luck.
Je wordt geacht de wet te kennen, maar je kent hem pas zodra je hem kennelijk hebt overtreden.
Bij lezing en herlezing van Kafka's korte verhaal heb ik mij altijd gestoord aan de berustende houding van de man van het platteland, die zijn bewaker maar niet durft te trotseren en blijft wachten voor de poort. De poort die voor hem bestemd was.
Nadat ik een nauwkeurige brief had opgesteld, heb ik geoefend in geduld. Vandaag toog ik voor de tweede maal naar de deurwachter. Ik trof een ander mens. Vertrouwen schenkend, vriendelijk, zelfs een beetje breekbaar. Ter plekke tekende hij zijn toestemming aan op mijn brief. Ik ben hem dankbaar. Hij biedt zijn excuses aan voor de kou van Chicago en wenst me good luck.
Je wordt geacht de wet te kennen, maar je kent hem pas zodra je hem kennelijk hebt overtreden.
Tuesday, November 06, 2007
In the beginning was the deed
Na, you know, de roezen en, like, katers and what not van de afgelopen weken ben ik weer in de realiteit beland. En buiten is het koud. Gelukkig ligt er troost op de tentoonstellingstafel van de Seminary Co-op Bookstore: Weimar Germany: Promise and Tragedy van Eric D. Weitz en Thinking Politically: Essays in Political Theory van Michael Walzer. Het eerste eindelijk en het tweede meteen aangeschaft.
Weitz' boek is prettige achtergrondliteratuur bij de cursus over Weimar political theology die ik volg. Naast hondsmoeilijke maar inspirerende teksten van Rosenzweig, Buber en Benjamin een ontspannende afwisseling. Tijdens de bijeenkomst vanmiddag heb ik mijn mond maar weer eens open gedaan. Zoals het hoort. Op het programma stond onder meer Walter Benjamins Kritik der Gewalt (weliswaar in het Engels: Critique of Violence). We kwamen verder - ik had een gevoel van voldoening. Discussiëren: tegelijkertijd doen en denken. John McCormick vergat de tijd.
Het boek van Walzer is een collectie eerder verschenen essays gebundeld rond een thema dat een rode draad vormt in mijn interesse en onderzoek: de verhouding tussen waarheid en democratie, tussen filosofie en politiek, tussen denken en doen. Walzer is inmiddels met emeritaat. Hij is aan het Institute for Advanced Study te Princeton opgevolgd door Danielle Allen, die gelukkig nog voor een dag in de week aan de University of Chicago verbonden blijft. Het thema van Walzers essaybundel doet denken aan een postuum gebundelde reeks essays van die andere filosoof: Bernard Williams, onder de titel In the Beginning was the Deed.
De helft van het autumn quarter zit erop, en daarmee ook de eerste helft van mijn verblijf in the Windy City. De winter kondigt zich aan. Geen zon meer. Geen koorzang meer. Geen katers meer. Het speelkwartier is over. Back to reality.
Weitz' boek is prettige achtergrondliteratuur bij de cursus over Weimar political theology die ik volg. Naast hondsmoeilijke maar inspirerende teksten van Rosenzweig, Buber en Benjamin een ontspannende afwisseling. Tijdens de bijeenkomst vanmiddag heb ik mijn mond maar weer eens open gedaan. Zoals het hoort. Op het programma stond onder meer Walter Benjamins Kritik der Gewalt (weliswaar in het Engels: Critique of Violence). We kwamen verder - ik had een gevoel van voldoening. Discussiëren: tegelijkertijd doen en denken. John McCormick vergat de tijd.
Het boek van Walzer is een collectie eerder verschenen essays gebundeld rond een thema dat een rode draad vormt in mijn interesse en onderzoek: de verhouding tussen waarheid en democratie, tussen filosofie en politiek, tussen denken en doen. Walzer is inmiddels met emeritaat. Hij is aan het Institute for Advanced Study te Princeton opgevolgd door Danielle Allen, die gelukkig nog voor een dag in de week aan de University of Chicago verbonden blijft. Het thema van Walzers essaybundel doet denken aan een postuum gebundelde reeks essays van die andere filosoof: Bernard Williams, onder de titel In the Beginning was the Deed.
De helft van het autumn quarter zit erop, en daarmee ook de eerste helft van mijn verblijf in the Windy City. De winter kondigt zich aan. Geen zon meer. Geen koorzang meer. Geen katers meer. Het speelkwartier is over. Back to reality.
Monday, November 05, 2007
Lesson III
Na de vele taxiritten van dit weekend vandaag weer het inmiddels gebruikelijke recept: 11.30 a.m. buslijn six, Red Line, Purple Line, ditmaal uitstappen bij Foster, één station verder dan Davis. Scott Hall bevindt zich aan een lange brede laan met verschillende andere gebouwen van Northwestern University. De wind blaast de bladeren van de bomen. Het is koud. De winter is op komst.
De hoogleraar met wie ik om 2 p.m. een afspraak heb rondt eerst haar email af, zodat ze daar tijdens het gesprek niet meer aan hoeft te denken. Ik herinner haar er eerst aan wie ik ook al weer ben en waarvoor ik ook al weer kom. Duidelijkheid. We voeren een uur lang een boeiend gesprek naar aanleiding van haar laatst gepubliceerde paper op basis waarvan we haar hebben uitgenodigd om in april volgend jaar in Nederland te komen spreken. Haar interesse wordt verder gewekt wanneer ik haar vertel welke politieke gebeurtenis de aanleiding vormt voor deze conferentie waarbij zij als keynote speaker zal optreden. Hoe de relevantie van een Nederlandse constitutionele patstelling duidelijk te maken aan een Canadese die al jaren in de V.S. werkzaam is. Mission accomplished. We zien beiden uit naar de conferentie.
Zodra ze begrijpt dat ik in Hyde Park woon, besluiten we een volgende keer (mocht die ervan komen) downtown af te spreken. Dat scheelt mij veel tijd. Purple Line, Red Line, six. De schemer zet in.
Zodra ze begrijpt dat ik in Hyde Park woon, besluiten we een volgende keer (mocht die ervan komen) downtown af te spreken. Dat scheelt mij veel tijd. Purple Line, Red Line, six. De schemer zet in.
Privé-concert II
Gisteren woonden we de repetities bij van het Civic Orchestra onder leiding van Bernard Haitink. Van één van haar bevriende orkestleden kregen we vrijkaartjes voor vanavond. Vanaf de main floor in het midden van een uitverkochte zaal luisterden we naar Beethovens Leonore en naar Sjostakovitsj' Tiende Symfonie. Deze 'optimistische tragedie' (Andrei Volkonski) beleefde na de dood van Stalin in 1953 haar wereldpremière. Beheerst en intens (we kijken hem recht op de rug) maakt Haitink dat het jonge orkest een enorme hoeveelheid energie de zaal in stuwt. De ovatie na afloop staand. In de catacomben van het Symphony Center complimenteert ze hem. Ik kijk toe en knik.
Eten, keten. Taxi. Drie op een rij: celliste, violiste, ik. Voor ten, maar we zijn niet van plan langer dan een half uur te blijven, goed dan five dollars per persoon salsa bij Buzz. Taxi. Meer dan een half uur later.
De Pakistaanse chauffeur laat me voorin zitten. Vertrouwen. Hij vervoert driehonderd verschillende mensen per dag, twaalf uur op een dag, zeven dagen in de week, al vijftien jaar. Soms is het veel, maar hij houdt van zijn werk. Zijn kinderen kunnen naar de universiteit.
Eten, keten. Taxi. Drie op een rij: celliste, violiste, ik. Voor ten, maar we zijn niet van plan langer dan een half uur te blijven, goed dan five dollars per persoon salsa bij Buzz. Taxi. Meer dan een half uur later.
De Pakistaanse chauffeur laat me voorin zitten. Vertrouwen. Hij vervoert driehonderd verschillende mensen per dag, twaalf uur op een dag, zeven dagen in de week, al vijftien jaar. Soms is het veel, maar hij houdt van zijn werk. Zijn kinderen kunnen naar de universiteit.
Sunday, November 04, 2007
Subscribe to:
Posts (Atom)